Images-loading
Images

Verhalen van deelnemers

Images

Jan en Helena - vormingsproject Step 1

De voorbije zomer namen Helena Vancampenhout en Jan Vandevenne deel aan het vormingsproject Step 1 van Don Bosco Youth-Net. In de stad Wenen kwamen dertig jongeren uit een tiental landen bijeen om een weekje uit te wisselen en gevormd te worden over het thema ‘migratie en vluchtelingen in Europa’. In dit interview blikken ze terug op hun ervaringen.

Hoe ben je bij Jeugddienst Don Bosco terechtgekomen?
Jan: Via verhalen met mooie ervaringen van vrienden die ook bij Jeugddienst Don Bosco zaten.
Helena: Op aanraden van een vriendin heb ik contact gezocht met Jeugddienst Don Bosco.

Was het je eerste Europese ervaring?
Helena: Nee, ik heb hiervoor al deelgenomen aan uitwisselingen van Joetz en JCW.
Jan: Ik heb 4 jaar geleden al eens deelgenomen aan de jamboree. Dat is een internationaal project dat wordt georganiseerd voor de scouts over heel de wereld.

De voorbije zomer namen jullie deel aan Step 1 in Wenen. Hoe kijken jullie hierop terug?
Jan: Het was een fijne ervaring. Ik heb veel bijgeleerd over het thema vluchtelingen. Het meest interessante was dat je ook eens de meningen kon horen van andere culturen en andere landen.
Helena: Internationale uitwisselingsprojecten zijn altijd zeer interessant en kunnen een eyeopener zijn voor de deelnemers.

Het project ging over migratie en vluchtelingen. Heb je nu een beter beeld gekregen van de heersende­ problematieken in Europa?
Jan: Ja, zeker als je hoorde van andere landen hoe hun beeld was van de heersende problematieken in hun land. Ze waren zeer verschillend maar toch kon ik me altijd wel aansluiten bij de verschillende meningen
Helena: We kregen een basisbeeld van deze actuele thematiek. Ik had zelfs graag nog meer geleerd over migratie en vluchtelingen.

Wat heb je geleerd uit dit project?
Jan: Dat het toch wel belangrijk is dat we de vluchtelingen helpen en hen onderdak en eten aanbieden. Zij hebben namelijk niet gekozen voor de oorlog of hongersnood in hun thuisland.

Welke andere nationaliteiten waren nog aanwezig op Step 1?
Helena: Zowel Oost-, Zuid- als West-Europese landen.
Jan: Er waren deelnemers uit Montenegro, Nederland, Spanje, Malta en zelfs Oekraïne.

Welke cultuur sprak je het meeste aan?
Helena: Op elk project is het eerste contact met de mensen uit Oost-Europa het moeilijkst, omdat zij wat afstandelijker lijken, maar dat is niet zo. Mensen uit Spanje en Italië daarentegen zijn net heel open. Maar na een paar dagen kan iedereen altijd goed met elkaar opschieten.
Jan: De Spaanse cultuur sprak mij het meeste aan omdat dit zeer levendige en blije mensen waren.

Wat is het grote verschil met een uitwisseling in Vlaanderen?
Jan: De aanwezigheid van vele nationaliteiten, maar voor deze uitwisseling was vooral de locatie zeer geschikt. Wenen telt namelijk zeer veel vluchtelingen.

Wat is je beste herinnering aan het project?
Jan: De activiteiten die we samen gedaan hebben. Zoals zwemmen in de Donau en koken met een groep vluchtelingen. Dat zijn herinneringen die me zeker zullen bijblijven.
Helena: Tijdens een van de workshops kwam een vrijwilliger haar ervaringen met ons delen waarna een open gesprek volgde met de hele groep.

Wat was je minst aangename ervaring?
Jan: Het moment toen drie mensen kwamen praten over hun leven als vluchteling. Je zag echt dat ze aangedaan waren van het feit dat ze niet meer veilig in hun eigen land konden leven. Ze misten hun familie en hun vrienden enorm. En dan, op dat moment, besef je dat je gelukkig mag zijn met wat wij eigenlijk hebben.

Wat was de leukste activiteit tijdens het project?
Helena: Met de hele groep zijn we gaan zwemmen in de Donau in Wenen.
Jan: Toch wel de interculturele avond waar elke deelnemer zijn of haar land mocht voorstellen. Velen brachten eten mee uit hun land, en dat smaakte me zeker.

Kan je deze ervaring in vijf woorden omschrijven?
Helena: In vijf woorden is moeilijk. Maar dit wil ik wel nog kwijt. Internationale uitwisselingen zijn gewoon zeer interessant en ze openen je ogen. Het topic hoeft niet altijd centraal te staan voor de positieve ervaring. Het zijn eerder de nieuwe ervaringen die je opdoet door de vele ontmoetingen met mensen die andere meningen en gedachten hebben dan wij die het zeer interessant maken.
Jan: Levenservaring, fun, mooie herinneringen, blijvende contacten, leerrijk.

Praktisch

Wil je ook graag een Europese vorming volgen? Ontdek hier het aanbod van Jeugddienst Don Bosco.

Images

Veronica, Clara, Michal, Brina, Agnes en Jenny - Summer Exchange of Animators

Jeugddienst Don Bosco geeft de kans aan Europese jongeren om actief te zijn op de Vlaamse Don Boscospeelpleinen. Samen met de lokale animatoren bezorgen ze de kinderen een geweldige zomer. Tegelijkertijd is het voor hen ook een hele ervaring om als animator aan de slag te zijn in een vreemde cultuur, omgeving en vreemde taal. In 2015 kwamen er 16 jongeren uit Malta, Spanje, Duitsland, Slovenië, Tsjechië en Duitsland naar Vlaanderen. In dit interview lees je reflecties van Veronica uit Tsjechië, Clara uit Spanje, Michal uit Tsjechië, Brina uit Slovenië en Agnes en Jenny uit Duitsland.

Was je voor dit project al actief als vrijwilliger?
Veronica: Ik was actief als een vrijwilliger in een bejaardentehuis in op een Don Boscospeelplein in Havirov.
Clara: Ik was 7 jaar lang vrijwilliger in Salesianos Tucumán, een Don Boscowerking voor kinderen en jongeren.
Michal: Als vrijwilliger maak ik al een tijdje deel uit van Sadba, het Don Boscocenter in Praag.

Wat was eigenlijk jullie motivatie om deel te nemen aan een EVS-project in Vlaanderen?
Veronica: Voor mij was het een stuk om eens een soortgelijke ervaring op te doen in Vlaanderen en te zien hoe een Belgisch Don Bosco speelplein werkt maar ook een stuk om mijn Engels te oefenen.
Brina: Ik wilde vooral iets goeds doen, en dit via vrijwilligerswerk. Ik kreeg zo ook de kans om een andere cultuur te leren kennen en om nieuwe mensen te ontmoeten.
Jenny: Wij, Agnes en ik, trekken in augustus een jaar naar Rwanda als vrijwilliger. Dit is voor ons een stuk voorbereiding op ons verblijf en vrijwilligerswerk in het buitenland. Ginds zullen we ook actief zijn in een Don Bosco-organisatie.

Hoe was de ervaring voor jullie in België?
Brina: Ik vond het echt fijn. Ik kreeg de kans te zien hoe het speelplein in Halle werkte en heb schitterende mensen ontmoet.
Michal: Voor mij was het één van de beste ervaringen sinds lange tijd.
Clara: Geweldig! Ik heb veel geleerd, dingen die me nu nog dagelijks van pas komen. In contact komen met zoveel andere culturen is een prachtig geschenk.

Wat was het grootste verschil met jouw werking?
Brina: In België zijn de kinderen vrijer en moeten ze niet aan alle activiteiten deelnemen.
Clara: De manier van werken is erg verschillend, maar eindelijk hebben we hetzelfde doel: we willen bijdragen aan sociale ontwikkeling.

Wat heb je geleerd door deel te nemen aan dit project?
Michal: Ik heb meer geleerd over mezelf en besef nu ook veel meer welk impact iemands inzet op anderen heeft.
Veronica: Ik heb geleerd dat je elkaar niet hoeft te verstaan als je wil spelen. Kinderen zien dat taalverschil niet als een obstakel.
Jenny: Ik heb veel nieuwe spelen, dansjes en liedjes leren kennen. Maar ook hoe het was om met kinderen samen te werken in een andere cultuur en werking.

Wat was voor jou het leukste moment tijdens die twee weken in België?
Brina: Hmmm, dat kan ik me niet direct herinneren.
Ik denk de tijd die ik met de animatoren en kinderen kon doorbrengen. En het moment dat ze ons Nederlandse woorden probeerden aan te leren.
Clara: Oei, ik heb er zoveel. Ik kan niet direct kiezen. Eentje herinner ik me nog wel goed. Toen ik afscheid aan het nemen was van de kinderen, begonnen zowel ik als het meisje dat me knuffelde te wenen. Toen besefte ik dat ik iets goeds gedaan had. Ze zeiden dat ze me zouden­ missen, en ‘I love you’ in het Nederlands, Frans en Engels. Ze wilden echt dat ik het zou begrijpen. Kinderen zijn op dat vlak echt heel dankbaar. Ik mis het enorm.
Michal: Ik denk het eerste moment dat ik de kinderen ontmoette. Ze waren nieuwsgierig en enthousiast terwijl ik nog een beetje terughoudend was. Het ijs werd zo direct gebroken. Verder ben ik het team dat dit project verwezenlijkte heel dankbaar. Ze waren geweldig en waren altijd positief ingesteld.

Wat was voor jou het minst leukste moment?
Brina: Ik denk niet dat ik me nog veel mindere momenten kan herinneren. Het was écht een goede ervaring.
Clara: Alles was nieuw voor me de eerste dagen, maar ik trok me op aan het feit dat ik een geweldige ervaring aan het beleven was. En dat is de manier om negatieve momenten tegen te gaan. Gewoon je ogen openen en de uitdagingen aangaan.
Jenny: Voor mij was het ziek zijn het minst leuke moment. Ik moest enkele dagen weg van het speelplein omdat ik anders andere meisjes in de slaapzaal zou kunnen­ besmetten. Maar de salesianen in Heverlee en Fonny hebben goed zorg voor me gedragen. Na enkele dagen kon ik weer aansluiten op het speelplein.

Kun je Europees vrijwilligerswerk en dit project omschrijven in vijf woorden?
Clara: In maar vijf woorden?! Uniek, Mooi, speciaal, ongelooflijk en geweldig!!
Brina: Geweldig, plezier, vriendelijke en open mensen, onvergetelijk.
Michal: Gezegend, blij, te kort, een investering, heerlijk.
Veronica: Moed, geloof, vriendschap, ervaring, liefde.

Praktisch

Wil je ook graag als animator aan de slag in Europa? Ontdek hier het aanbod.

Images

Fonny - vrijwilligerswerk in Afrika

Fonny Grootjans trok als vrijwilliger en begeleider al met verschillende projecten van Jeugddienst Don Bosco naar onder andere Zambia, Zuid-Afrika en Malawi. Telkens weer nieuwe ervaringen opdoen, mensen ontmoeten­ en andere culturen opsnuiven is een blijvende drijfveer. De ideale persoon dus om even een interessante babbel­ mee te hebben.

Dag Fonny, blij dat we je eens in België aantreffen.
Het lijkt alsof ik veel weg ben, maar het merendeel van mijn tijd spendeer ik toch hier op kantoor hoor. Voorlopig­ heeft Jeugddienst Don Bosco nog geen afdeling­ geopend in Afrika, dus zal Heverlee nog wel even m’n uitvalsbasis blijven.

De voorbije jaren heb je al aan heel wat Don Bosco- projecten deelgenomen. Vertel.
In 2012 ben ik naar Bauleni in Zambia geweest voor het Ushirikaproject. In 2013 ging ik met drie meisjes mee naar Zuid-Afrika en Lesotho voor het vormingsproject Yebo!. Daarna reisde ik naar Malawi om met twee andere dames animatorcursus te geven in Nkotakhota. In totaal was ik zeven weken van huis weg. In 2014 en 2015 was ik begeleider van het vrijwilligersproject in Kabwe, Zambia.

Wat was voor jou de leukste ervaring?
Dat is moeilijk te zeggen. Elk project ligt me zeer nauw aan het hart en aan elke deelname houd ik schitterende herinneringen over: de gekke jongeren in Bauleni, Fr. Peter in Lesotho, de hartelijkheid en eenvoud van Nkhotakhota, de vele kinderen in Makululu, de warme ontvangsten in Kabwe… Zo kan ik nog wel even doorgaan. Elk project heeft zijn eigen unieke herinneringen.­

Wat is het verschil tussen een vrijwilligersproject en een vormingsproject?
Als je cursus begeleidt en daarna met de jongeren op het speelplein staat, ben je heel intens betrokken­ bij hun ontwikkeling als animator.­ Zij leren veel van jou en jij veel van hen. Na de cursus zie je het effect van je bijdrage door de lokale animatoren in realiteit omgezet worden op het speelplein. Tijdens een vrijwilligersproject krijg je de kans om een cultuur vanuit andere invalshoeken te ontdekken.­ Je staat bijna dagelijks op het speelplein,­ je werkt samen met volwassenen, jongeren en kinderen aan een tastbaar project. Zo legden we in 2014 letterlijk mee de fundamenten van een nieuw jeugdcentrum­ in Kabwe. Samen hebben we toen hard gezweet en gezwoegd maar ook veel plezier gemaakt tijdens het werken.

Je hebt al bijna aan elk project deelgenomen. Is zo’n vormingsproject of vrijwilligersproject nog boeiend voor jou?
Het blijft een uitdaging, elk jaar opnieuw. Telkens weer vertrek je met een nieuwe groep Vlaamse jongeren,­ ontmoet­ je nieuwe mensen ter plaatse, ontdek je zaken die je misschien nog nooit hebt gezien of opgemerkt. Het blijft zeer verrijkend om met andere jongeren de wereld­ te ontdekken en je in te zetten voor een Don Bosco­project. Voor mij is het nog altijd elk jaar zenuwachtig­ aftellen naar de dag dat onze vlucht vertrekt.­ Het blijft spannend: kiezen welke kleren ik meeneem,­ zullen we onze vlucht niet missen, zullen ze ons wel ophalen op de luchthaven, hoe zullen de jongeren­ zich ter plaatse voelen, enzovoort.

Wat is er zo verrijkend aan een internationaal project?
Een cultuur ervaren, erin leven en erin samenwerken verrijkt onze jongeren op vele vlakken. Vooral hun wereldbeeld wordt bijgeschaafd. Soms hebben jongeren een vertekend beeld van Afrika. Vaak blijkt dat in realiteit helemaal anders te zijn. Tot enkele jaren geleden had ik nooit geloofd of gedacht dat er ook speelpleinwerkingen waren in Zambia en Malawi. Door deel te nemen aan een internationaal project plaats je ook onze eigen cultuur in een ander daglicht en stel je bepaalde aspecten en gewoontes van je eigen leven ook in vraag.

Willen de Don Bosco-organisaties in Zambia en Zuid-Afrika­ nog altijd Vlaamse jongeren ontvangen?
De projecten in Zuid-Afrika en de salesiaanse ZMB- provincie (Zambia, Malawi, Zimbabwe en Namibië) zijn opgestart op vraag van de lokale salesianen. Zij hadden­ gehoord dat onze animatorcursusen en onze manier van werken op het vlak van vorming inspirerend konden­ zijn voor de werkingen en jongeren ter plaatse. De vrijwilligers­ en kinderen zijn er, de faciliteiten zijn er en wij zorgen­ voor een toegevoegde waarde door hen vorming­ aan te bieden.­ De competenties die ze tijdens zo’n animatorcursus­ verder ontwikkelen zijn niet alleen­ verrijkend­ voor de organisatie maar ook voor hun dagelijkse­ leven. Ze hebben al veel knowhow of hebben al wat ervaring en van daaruit proberen we te vertrekken. Wij hopen dat zowel de jongeren als jeugdwerkingen er alsmaar sterker uitkomen.

Waarom zou je jongeren willen aanraden om met Jeugddienst Don Bosco mee te gaan?
Ik denk dat onze combinatie van jeugdwerk, speelpleinwerk en vorming geven in het Zuiden vrij uniek is. Door langere tijd op eenzelfde plek te blijven en te focussen op één project ontstaat er een duurzame samenwerking. De kracht zit in de band met de lokale gemeenschap, het versterken van het lokale jeugdwerk, het ervaren van een vreemde cultuur en de ontwikkeling van competenties bij onze jongeren en de jongeren ter plaatse. Jeugddienst Don Bosco staat garant voor de unieke ‘Don Boscosfeer’, veilig reizen en verblijven, kwaliteit en inhoudelijk sterke projecten. Niet twijfelen, gewoon DOEN!

Praktisch

Wil je ook graag vrijwiligerswerk doen in Afrika? Ontdek hier het aanbod van Jeugddienst Don Bosco.

Images

Sophie en Daniela - individueel vrijwilligerswerk in Swaziland

In september 2015 vertrokken Daniela Pittomvils en Sophie Geuens naar Manzini in Swaziland. Daar werken ze zeven maanden mee als vrijwilliger in Manzini Youth Care (MYC), een opvangtehuis voor kansarme jongeren.

Dag Sophie en Daniela, hoe gaat het met jullie?
Goed! We zijn hier heel hartelijk ontvangen, dus we voelden ons snel thuis. Ondertussen zijn we helemaal ingewerkt. We hebben wel lange dagen en we werken hard, maar we doen het nog altijd met zeer veel goesting.

Lange dagen? Hoe ziet zo’n dag er dan voor jullie uit?
We beginnen om 8u30 met vrijwilligerswerk op het secretariaat van de organisatie. We proberen MYC meer kenbaarheid te geven via social media en een update van de website. We merken dat veel mensen, zelfs in Manzini, het opvangtehuis nog niet kennen, hoewel het al 30 jaar bestaat. We helpen mee aan het schrijven van sponsordossiers, zo haalden we vorige week € 15000 binnen. In de namiddag gaan we met de jongeren aan de slag. Twee keer per week geven we muziekles of begeleiden we de marimbaband. Dit is een groepje jongeren die marimba bespelen, een houten xylofoon. Drie keer per week splitsen we op en gaat de ene naar de kleuterschool en de andere geeft Engelse bijles. ‘s Avonds gaan we naar één van de tehuizen om huiswerk te maken en bijles te geven. Dus nu weet je ook waarom we ’s avonds vroeg in ons bed liggen.

Zijn jullie daar de enige vrijwilligers?
Nee, we zijn met een vijftiental: Nederlanders, Belgen, Duitsers, Engelsen, enzovoort. Het is de eerste keer dat er hier zo’n grote groep vrijwilligers is. Het is zeker voor iedereen aanpassen geweest om samen te leven in één huis, maar sinds we goede afspraken maakten, bijvoorbeeld over de schoonmaak lukt dit wel. We hebben wel onze eigen kamer zodat we af en toe toch wat privacy hebben. We koken en eten wel vaak samen en in de weekends trekken we er ook samen opuit. Sophie wordt hier door de anderen zelfs mama genoemd.

Hoe loopt het contact met de jongeren in het centrum?
Het centrum is hier opgedeeld in verschillende tehuizen met jongeren met een andere achtergrond. Sommige hadden een drugsproblematiek, sommigen­ zijn mishandeld… dus voor ons was het even zoeken, maar ook voor hen was het niet evident. Er moest eerst een vertrouwensband ontstaan. Maar we denken dat dit na één maand toch zeker goed zit. De meisjes zijn dan weer heel sociaal en zoeken veel contact.

Hoe is het leven in Manzini?
Manzini is een grote stad. Veel verkeer, kantoren en winkels, onze eigen fitness, veel mensen in beweging… De mensen zijn heel vriendelijk, sociaal en nieuwsgierig. Ze spreken ons spontaan aan, willen weten wie we zijn, wat we komen doen, enzovoort. Zo sprak er iemand van de school ons aan dat hij teleurgesteld was dat we nog nooit spontaan zijn kantoor waren binnengelopen om ons te gaan voorstellen. Wij zien een deur als een grens, zij eerder als een uitnodiging om ergens binnen te gaan.

Hoe zou je het nog verder omschrijven?

Aan de ene kant merk je dat de bevolking hun tradities wil behouden, aan de andere kant zie je wel dat er al zeer veel invloeden van buitenaf zijn. Op straat zie je mensen lopen in traditionele kledij gecombineerd met een aktetas of een regenjas erover. Het is echt een mix tussen lokale en westerse cultuur. Vele jongeren willen ook wat meer afstand nemen van de ‘regels en sterke tradities’ die de koning het land oplegt.

Wat is het grootste verschil met België?
De ‘stereotypes’ worden bevestigd. We zijn heel hard gebonden aan tijd en het nakomen en maken van afspraken. In de Swazicultuur ligt dit anders. Ze beleven hier het aspect ‘tijd’ helemaal anders. Zo hebben we eens drie uur op iemand moeten wachten. Plannen kunnen altijd last minute veranderen. De vriendelijkheid is echter hartverwarmend. Elke keer een hartelijke begroeting of een lach.

Hoe waren deze aanpassingen dan voor jullie?
We hebben ons op bepaalde vlakken anders moeten opstellen. Daniela heeft bijvoorbeeld heel hard leren relativeren. Natuurlijk hebben we ook moeten leren omgaan met bepaalde frustraties als er weer iets anders liep dan gepland. Dit is een goede oefening.

Wat was jullie leukste moment tot hiertoe?
Dan denk ik het optreden met de marimbaband voor de ministers van Swaziland, Mozambique en Zuid-Afrika. We wisten dat we moesten optreden, maar niet voor welk publiek. Dus vertrokken we met de jongeren van MYC in onze gewone kleren naar dat congrescentrum. Bleek het daar poepchic te zijn: mooie stoelen met een kleurrijke strik, mannen in maatpak, superveel hapjes en drankjes, enzovoort. Na een echt geslaagd optreden wilden we terug naar MYC vertrekken, tot de bewakings-agent ons zei dat we gerust iets mochten nemen om te eten en te drinken. Je had moeten zien hoe onze jongeren glunderden toen ze dat hoorden. En natuurlijk lieten wij de lekkere hapjes niet aan ons voorbijgaan.

We hoorden dat jullie ook een guilty pleasure hadden?
Niet ver van de kleuterschool is er een kleine koffiebar, waar ze de lekkerste muffins en koffie van heel Manzini verkopen. En een- of tweemaal per week na de muziek-les, als de verleiding te groot is, durven we daar weleens binnen te stappen en onszelf te verwennen met zo’n lekkere muffin.

Waarom zou je dit vrijwilligerswerk aanraden aan anderen?
Het is goed om eens in een andere omgeving te zijn en samen te leven met mensen met andere gewoontes en cultuur. Je leert er veel van. De kinderen hier zijn oprecht blij dat je je om hen bekommert. Je kan hier echt iets voor hen betekenen. Ze worden zo gelukkig van die kleine dingen die je met hen doet. Sala Kahle!

Praktisch

Wil je ook graag individueel vrijwiligerswerk doen? Ontdek hier het aanbod.

Images

Alessandra - EVS-vrijwilliger in De Takel, Oostende

Alessandra, een Italiaanse vrijwilligster, is aan de slag in Don Bosco Jeugdhuis De Takel in Oostende. Ze doet dat via een ‘European Voluntary Service’ (EVS-project), opgezet door Jeugddienst Don Bosco. Ze houdt het jeugdhuis dagelijks mee open en biedt ontspanning,­ ontmoeting en vorming aan jongeren uit de omgeving. Het jeugdhuis is uitgegroeid tot een zeer multiculturele plek waar lokale jongeren met roots van over de hele wereld elkaar ontmoeten. Samen met de lage drempel en het uitgebreide aanbod van begeleide activiteiten, kampen en feesten maakt dat van deze ontmoetingsplaats een drukke en gezellige bedoening.

Dag Alessandra. Kun je ons iets vertellen over jezelf?
Ik ben Alessandra, ik ben 19 jaar oud en ik kom uit Italië. Mijn hobby’s zijn klimmen en fotografie, al ben ik hier zeker geen professional in (lacht). Afgelopen schooljaar heb ik het secundair onderwijs afgerond en heb ik besloten om een ‘gap year’ te nemen, waarin ik probeer om zo veel mogelijk nieuwe ervaringen op te doen en plaatsen te bezoeken. Ik vond het belangrijk om dit te doen nu ik nog jong ben. Zo heb ik sinds juli al vrijwilligerswerk gedaan in Frankrijk en Spanje en ben ik nu ook hier in Oostende beland, bij De Takel. Deze ervaring is zonder twijfel de belangrijkste in mijn vrije jaar, gezien ik hier uiteindelijk zeven maanden zal zijn.

Waarom heb je gekozen voor het vrijwilligerswerk hier in De Takel?
Het doel van mijn ‘gap year’ is om zo veel mogelijk nieuwe ervaringen op te doen. Ik had al enkele ervaringen met vrijwilligerswerk­ in Spanje en Frankrijk, maar die waren telkens vrij kort en behoorlijk duur. Ik ben dan op zoek gegaan naar een langer project waarbij de kosten enigszins gedekt zouden worden en kwam al snel bij EVS terecht. In België waren hiervoor heel wat mogelijkheden en aangezien ik hier nog nooit was geweest, was die keuze ook snel gemaakt. Verder sprak het project in De Takel mij heel erg aan omdat het voor mij een zeer nieuwe ervaring is om in deze context met die jongeren bezig te zijn. Ik ben er dus zeker van dat ik er veel van zal opsteken en dat ik deze ervaring later nog zal kunnen gebruiken.

Hou vul je je tijd in, hier in België?
In het jeugdhuis speel ik veel met de jongeren. Tafelvoetbal is bijvoorbeeld een zeer populair spel, maar ook pingpong en poolen doen we wel eens. Het is de beste manier om elkaar te leren kennen, aangezien praten met hen niet zo makkelijk is. Ik spreek Italiaans, Engels en Frans, maar veel van de jongeren spreken enkel hun moedertaal en Nederlands. Ik leer stilaan wel een woordje Nederlands en kan intussen al heel wat begrijpen. Toen ik hier nog maar net was, wist ik bijvoorbeeld niet wanneer de jongeren Nederlands of Arabisch spraken, maar dat is intussen wel al duidelijk (lacht). Ik heb intussen ook iemand leren kennen die graag Italiaans wil leren, dus we helpen elkaar: ik leer hem Italiaans en hij helpt me met het Nederlands.

Heb je al wat van België kunnen zien?
Wanneer ik niet aan het werk ben in het jeugdhuis probeer ik zo veel mogelijk plaatsen te bezoeken, zowel binnen België als in de buurlanden. Ik heb ook al wat andere Europese vrijwilligers leren kennen, enerzijds via de training van Jint die ik heb gevolgd toen ik hier aankwam, anderzijds door samen te wonen met enkele vrijwilligers die op andere plaatsen in Oostende aan de slag zijn. Zij willen natuurlijk ook zo veel mogelijk zien hier in België en zijn dus goed reisgezelschap.

Wat vind je het leukst aan het werk in het jeugdhuis?
Het is echt fijn om met de jongeren bezig te zijn. Ik vind het een zeer fijne groep en voel me heel erg thuis in het jeugdhuis. Ik denk dat het ook voor veel van de jongeren een tweede thuis is, dus het is fijn om hen dat te kunnen bieden. En hoewel de communicatie zeker het moeilijkste aspect is binnen mijn werk hier, is het ook zeer mooi om te zien hoe soms een glimlach kan volstaan om te weten wat je aan elkaar hebt.
Het leukste moment tot nu toe was het bezoek aan Brussel samen met enkele jongeren. We zijn daar de stad gaan bezoeken en we zijn naar een dansevenement geweest. Ik was toen nog maar pas aan de slag in het jeugdhuis en werd daar wat overweldigd door de grote groep jongeren. De uitstap gaf me echter de kans om enkele jongeren in een kleiner groepje te leren kennen. Maar ik ben er zeker van dat er nog veel memorabele momenten zullen volgen.

Je bent nu al enkele maanden in België. Wat vond je het moeilijkste om aan te wennen hier?
Het moeilijkste om aan te wennen was ongetwijfeld de koude en de regen. De temperatuur in Italië ligt toch wel wat hoger. Maar gelukkig is het intussen al wat warmer geworden. Ik kijk al uit naar de zomermaanden.

Als we vragen wat je dan het meest mist aan Italië, dan zeg je…?
De zon, zeker weten. Maar natuurlijk ook mijn vrienden in Italië en de Italiaanse pizza.

Wat zijn je plannen als je terugkeert naar Italië?
Ik ga er in september verder studeren aan de universiteit. Welke studierichting dat precies zal zijn, weet ik wel nog niet. Ik twijfel nog heel erg tussen talen of politieke wetenschappen. Verder heb ik nog geen concrete plannen, maar in de vakanties­ wil ik misschien nog wel eens terugkomen naar hier.

Zou je een EVS-ervaring aanraden aan andere jongeren?
Zeker. Het is een hele mooie kans om ervaringen op te doen die je zeker moet grijpen als je jong bent. Ik heb ook via andere kanalen vrijwilligerswerk gedaan, maar EVS biedt veruit de meeste ondersteuning,­ zowel financieel als via training en persoonlijke begeleiding. Door te zoeken naar een leuk project heb ik ook gemerkt dat er een enorm divers aanbod is. Er is dus zeker voor ieder wat wils.

Heb je nog een laatste boodschap voor onze lezers? Misschien wat tips voor als ze Italië zouden bezoeken?
Ga naar Zuid-Italië, niet naar het noorden (lacht). Nee hoor, grapje, heel Italië is prachtig. Als laatste boodschap zou ik vooral willen meegeven: blijf je inzetten voor jonge mensen! Er zijn overal ter wereld jongeren die jullie steun, hulp en enthousiasme zeker kunnen gebruiken.

Praktisch

Wil je ook graag aan de slag als EVS-vrijwilliger doen? Ontdek hier het aanbod.

“Na die twee weken kwam het moeilijke afscheid. Verbazingwekkend hoe mensen in twee weken zoveel betekenis kunnen krijgen in je leven!”

Sanne - Yebo! Zuid-Afrika